CT Praktijkexamen — Leesstation

Basis CT · 14 casussen · begrijpen & oefenen
Begin hier

Wat betekenen al die afkortingen?

Een CT-onderzoek instellen draait om een handvol knoppen. Snap je deze termen, dan snap je elke casus. Speel eerst met de schuifbalk hieronder — dat is het belangrijkste én meest verwarrende concept.

Venster-simulator (WW / WL)
venster: -160240 HU
-1000 HU
lucht
0 HU
water
+1000 HU
bot

Alles in CT wordt gemeten in HU (Hounsfield Units): lucht ≈ −1000, water = 0, bot = +1000 en hoger. Je beeldscherm toont maar een beperkt aantal grijstinten, dus je kiest welk stukje van die HU-schaal je in grijswaarden uitrekt.
Smal venster (kleine WW) = veel contrast tussen weefsels die dicht bij elkaar liggen (bv. hersenen). Breed venster (grote WW) = veel HU tegelijk zichtbaar, minder contrast (bv. bot).

De knoppen één voor één
De truc van dit hele examen

Je hoeft 14 casussen niet uit je hoofd te leren

Achter alle tabellen zitten maar 6 beslissingen. Beantwoord je die telkens vanuit de klinische vraag, dan rolt elke casus er vanzelf uit. Je docent zegt het ook: motiveren is belangrijker dan exact memoriseren.

Alle 14 protocollen

Casussen

Klik een casus open. Probeer eerst zelf de 6 regels toe te passen vóór je het antwoord bekijkt — zo train je het denken in plaats van het herkennen.

Het echte examen in ODIPACS

Aan de werkpost

Hier moet je het doen: door echte coupes scrollen, zelf het juiste venster en de juiste reconstructie zetten, meten, en vragen beantwoorden over wat je ziet. De exacte knoppen verschillen per toestel, maar deze handelingen en deze denkvolgorde zijn overal hetzelfde.

Vaste werkvolgorde — hardop te vertellen
Handelingen die je moet kunnen
HU-spiekkaart — densiteiten herkennen op beeld

Leg een ROI in een structuur en lees de HU af. Vergelijk met deze waarden om te zeggen wát het is. Dit komt terug in bijna elke beeldvraag.

Typische extra vragen bij een beeld
Actief herhalen

Oefenen

10 vragen, telkens willekeurig gekozen. Jezelf testen werkt veel beter dan herlezen. Fout antwoord? Lees de uitleg en je onthoudt het juist door die fout.

Spiekkaart

Snelle geheugenkaart

De samenvatting van de samenvatting. Print dit in je hoofd voor je naar binnen gaat.

Gemaakt op basis van jouw eigen tabelbundel. De waarden (contrastvolume, flow, delays) zijn examen-vriendelijke standaarden — jouw docent of toestelprotocol kan licht afwijken. Motiveren > memoriseren.